Weske en mensen in Chaotisch Culemborg
Hier, in een soort vervelende na-kater, beschrijft Weske in eigen persoon zijn volledig verklootte weekend vol drugs en bier.
Vrijdag was eerst de wekelijkse repetitie van Wacko Manic. De leadgitarist, Jaco Mono, zou blijven eten. Vervolgens zouden ze naar Culemborg gaan, waar om 22.00uur Peitre aan zou komen op het station. Daarmee zou Weske even naar de Thee-shop gaan en wat sushi nuttigen, misschien nog een biertje in de Tollesteeghe en daarna zou het duo naar Weske’s huis gaan om wat bier te drinken, wat te chillen en vervolgens lekker op een matras neer te ploffen. Dat was het plan althans.
Goed. De repetitie van Wacko Manic verliep eigenlijk wel aardig, zoals elke week. Zelfs de pa van Jaco Mono kwam even kijken met zijn vriendin, dus gaf het kwartet even een gigje. Het ging niet helemaal foutloos, maar dat deerde niet. Weske had eerder de dag al wat groenten gehaald, ook voor Jaco Mono. Dus, toen de repetitie afgelopen was en Erik en Lennard naar huis gingen, werd de eerste sushi snel genuttigd door Weske en Jaco Mono. Op de markt van Zoelmond City, in een bushokje. Daar kwamen ze een vriendin tegen van Weske tegen. Na even met haar te hebben gepraat kwamen ze erachter dat ze een vriendin van haar ging halen. Toen vertrok ze. Later kwamen ze haar broer tegen, Perry, die op weg was naar zijn bandrepetitie. Hij was al een beetje laat. Weske had hem twee weken eerder nog gezien op Houten Deathfest. Hij hoefde geen sushi. Weske kreeg ineens zin om muziek te gaan maken, en vroeg of hij mee naar Weske’s huis kwam. Dat vond ie wel goed. Ondanks dat ie nu al best behoorlijk te laat kwam voor zijn band. Dat kon hem blijkbaar niet veel schelen.
Eenmaal teruggerend(ja, Jaco Mono en Weske renden), lieten Jaco Mono en Weske wat opgenomen materiaal horen aan Perry. Dat vond ie best wel vet. Toen kreeg Weske ineens een supervet idee en hij klom achter zijn drumstel. Hij bedacht een spacende drumriff en nam het snel op, voor hij het vergat. Dat klonk best vet. Toen waren de frietjes klaar, en Perry vertrok. Toen gingen Jaco Mono en Weske lekker eten. Ze hadden honger.
Na het volvreten werd het tijd om naar Culemborg te gaan. Oh kut, ze moesten alle zooi nog opruimen! Wonder boven wonder is het de mannen gelukt het hele huis in orde te maken binnen 5 minuten, het logeerbed voor Peitre klaarleggen incluis. Toen gingen ze op pad. Jaco Mono had zijn gitaar ook op zijn rug.
Ze waren halverwege Zoelmond City toen ze ineens muziek uit een schuur hoorde komen. Weske wist toevallig dat dat het huis was waar Perry zijn bandrepetitie had. Ze zochten de deur van de schuur en stormden binnen. Daar stond Perry met zijn bandleden te spelen: een drummertje en een gitarist. Jaco Mono en Weske vonden het wel vet klinken en Weske vroeg of ze elkaars groupie konden worden. Een soort groupie-uitwisseling. Wij zouden fan van hen worden als dat andersom ook zo gebeurde. Dat vonden ze wel goed. Toen bekende Weske dat hij een drummer was, en men stelde voor dat hij even achter het drumstel ging zitten. Dus ging hij even een nummertje meejammen. Daarna gingen Jaco Mono en Weske weer weg.(achteraf heb ik van het drummertje gehoord dat ik allerlei vette shit heb zitten spelen en dat ik minstens een half uur achter dat drumstel heb gezeten. We hebben hun halve repetoir doorgespeeld zonder dat ik het doorhad XDXD)
Toen kwamen Jaco Mono en Weske aan op het station in Culemborg. De reis van Peitre was moeiteloos verlopen. Maar goed ook. Op naar de shop. Daar had Weske ook afgesproken met Apu. Die ging ook even groenten halen. En hij draaide even snel een sushi. Die werd buiten snel genuttigd. Samen met nog 2 anderen. Even rekenen, 3/4 sushi de man. Toen ging het viertal de kroeg in. Daar dronken zij gulzig een lekker koud biertje.
Maar, toen sloeg het allemaal in. Peitre zat aan een tafeltje en hij voelde zich ineens niet zo goed. Hij zat met zijn hoofd leunend op zijn arm. “Gast, ik voel me niet zo lekker,” zei hij. Weske en Apu hadden eigenlijk alweer zin in een sushi, en sleepten Peitre mee naar buiten. Even wakker worden van de kou. En twee sushi’s nuttigen natuurlijk. Toen zei Peitre dat ie zich echt niet lekker voelde, en hij was ook moe, zei hij. Hij wilde persé naar huis. Zijn eigen huis. Weske probeerde hem nog over te halen mee naar zijn huis te gaan, en daar lekker op een bed te ploffen, maar Peitre zag het echt niet meer zitten. Dat vond Weske best wel kut, zijn japan-mattie ging hem nu verlaten.
Toen ging Weske samen met Apu en Jaco Mono terug de kroeg in. Daar kwamen ze Mip tegen, die gulzig een pul leegdronk. Weske ging even een praatje met hem maken, en Mip stelde voor om naar de Atlas te gaan en daar even wat sushi te draaien en te nuttigen. De tent was nog n uurtje open, dus ze moesten wel snel zijn. Dat vond iedereen best, alleen was Jaco Mono nog minderjarig, dus die zou dan niet mee naar binnen kunnen. Maar ze gingen het toch proberen. Zo liepen de mannen de Atlas binnen en kochten wat groente. Maar de kerel achter de toonbank vertrouwde het niet, en vroeg ieders identificatiebewijs. Toen moest Jaco Mono de tent verlaten. Hij zei dat ie wel even buiten zou wachten. Ondertussen gingen wij even wat sushi draaien. Na een poos probeerden de kerels van de Atlas ons naar buiten te werken; ze deden heel subtiel de tv uit en dimden de lichten, zonder ook maar wat te zeggen. Maarja wij moesten nog even snel onze sushi maken. Vooral Mip was nog lang bezig. Die draaide een sushi als dat ik nooit nog eerder had gezien, hij was compleet zonder kreukels. Wel vet. Toen gingen we maar naar buiten. Even twee sushi’s nuttigen. Toen kreeg Weske ineens superdikke honger. Hij had trek in een broodje Döner Kebab. Apu en Jaco Mono hadden niet zo’n honger en gingen weer naar de kroeg terug. Weske en Mip gingen even eten. Lekker veel saus enzo. Lekker. Toen werd Weske een beetje moe en ging maar naar huis. Hij was t zat. Bovendien moest ie de volgende dag ook z’n kranten lopen, dus hij moest er ook weer vroeg uit. Dat deed ie dan maar. Zo, lekker op de fiets naar huis. Lekker maffen. Met een opgemaakt leeg bed op de grond. Helaas.
—————————————————————————————
De volgende dag werd Weske gek genoeg ruim op tijd wakker. En helder. Het krantenlopen ging prima. Daarna kroop ie weer zn bed in. Toen hij zijn bed weer uitging bedacht hij zich dat hij nog naar Culemborg moest om een sinterklaascadeautje te kopen, want hij had die avond een sinterklaasavond. Met kleine kutkoters. Dus ging Weske maar gelijk zijn cd-/dvd-bon spenderen.
Toen ging Weske maar even een oliebol kopen en daarna wat sushi nuttigen in de Atlas. Toen ging hij naar huis om een surprise te maken, en hij maakte een duivels uitziende muis. Best spacend. Toen ging hij naar de sinterklaasavond. Hij spacete best hard, maar wist zich heel fatsoenlijk te gedragen. Toen dat afgelopen was zou Weske die avond bij Ronald blijven pitten. Maar hij had niet zoveel groente meer over, dus hij moest weer even langs de Atlas. Dat ging ie dan ook maar even doen. Daar kwam hij Besastiaan tegen, die even een voorgedraaide sushi ging halen. Weske zei dat ie wat zou gaan nuttigen bij Ronald thuis. Besastiaan vroeg of ie meekon. Het was al veel later dan geplanned, want de sinterklaasviering was vrij lang uitgelopen. Weske belde Ronald dat ie eraan kwam, en vroeg of Besastiaan ook even mee mocht nuttigen. Dat wilde Ronald niet, dus Besastiaan kwam even aan de telefoon. Toen vertelde Ronald dat ie zich eigenlijk niet zo lekker voelde. Toen gaf Besastiaan mij weer aan de telefoon en Ronald zei dat ik anders maar met Besastiaan moest gaan chillen die avond. Mja goed, alleen kon Weske daar niet blijven pitten. Kut… Hij ging zn ma even bellen en zeggen dat ie toch naar huis kwam. Half vier, werd de afspraak.
Toen gingen Besastiaan en Weske de sushi, die Weske even snel had gedraaid in de Atlas, maar even nuttigen. Ze vertrokken snel naar de Tollesteegh. Weske had niet zoveel geld meer en wilde eigenlijk rustig aan doen, maar Besastiaan stond erop. Nja, dat moest dan maar. Het resulteerde in een hoop bier naar binnen werken. Toen was Weske best stronken en hij voelde zich niet goed. Hij liep vijf keer heen en weer van zijn tafeltje naar de plee. Inderdaad ja, om te kotsen. Mensen die hem eruit zagen komen met ZO’N kop vroegen of ie een glaasje water wilde, maar hij had meer trek in een sushi. Toen zei Besastiaan dat het niet zo verstandig was om nog zo naar huis te fietsen en zei dat Weske toch maar beter bij hem kon blijven pitten. Dat vond ik wel goed. Toen ging de Tollesteegh dicht en Besas en Weske gingen naar De Kroeg. Daar zaten ze nog even tot zes uur. Weske had zijn moeder nog niet gebeld. Toen gingen ze naar Besas zn huis. Hij kon geen bed opmaken want dan zouden zn ouders wakker worden. Hij stelde voor om samen in zijn eenpersoonsbed te gaan pitten. Ah kanker, dacht Weske. Nou ja, scheit aan, hij was toch stronken. Slaaaaap.
—————————————————————
De volgende dag werd Weske met enorme pijn in zijn nek wakker. Hij had zeer zeker op een nare manier geslapen. Maar wel diep. Toen gingen ze wat eten en Besas had zin om te sparren. Na tien minuten had Weske er genoeg van en hij ging even naar Jaco Mono. Daar zou Badeend ook zijn. Hij was inmiddels verliefd op haar geworden. Maar ze was er niet geweest. Helaas. Toen werd Weske gebeld door zijn boze moeder. Hij moest naar huis. Mooi, hij was kapot. En blut. Hij kwam thuis, en dook gelijk zn bed in. Slapie.
december 19, 2007 bij 9:03 pm
ga eens een nieuw avontuur beleven ofzo…